De merkenkraamkamer van Scoopstore

Samen bouwen aan een merk, dat is het uitgangspunt van het Belgische Scoopstore. Startende concepten kunnen in de winkels en op de webshop van het concept hun producten verkopen en krijgen ondersteuning. Zo heeft Scoopstore niet alleen een functie als etalage, maar ook als coach. “Merken leren hier functioneren in de harde retailwereld.”

Nieuwe en opkomende merken ondersteunen en een plek geven in het retaillandschap is kortgezegd het doel van Scoopstore. Merken verkopen hun producten in de winkels en op de webshop. “Ze kunnen bij ons met beperkte collecties terecht zonder de druk van hoge kosten voor de huur van een pand, trends die ze moeten volgen of het produceren van bepaalde volumes”, vertelt oprichter Inge Wouters.

“Partijen die met ons samenwerken kunnen hun merk op hun eigen tempo uitbouwen en ontdekken hoe hun concept kan functioneren in de standaard harde retailwereld.” Als buyer en projectmanager in met name de elektronicabranche deed Wouters de nodige retailervaring op. Scoopstore ontstond vanuit haar persoonlijke frustratie. “Ik kwam online regelmatig merken tegen die ik interessant vond, maar tot een aankoop kwam het vaak niet, omdat ik het product liever eerst fysiek wilde zien.”

Scoopstore

Het van oorsprong Belgische concept heeft inmiddels drie winkels in eigen land. De eerste opende in 2014 in Antwerpen zijn deuren, waarna vestigingen in Mechelen en Gent volgden. Sinds september dit jaar is het concept met een filiaal in Eindhoven ook op Nederlandse bodem vertegenwoordigd.

COACH
Scoopstore is vergelijkbaar met het Nederlandse Hutspot, waar ook allerlei merken onder één fysiek dak te vinden. De Belgische variant gaat echter een stap verder dan alleen een rol als verkoper en voegde een coachend aspect aan zijn concept toe. Bij de start van een samenwerking gaat het label met werknemers van Scoopstore om de tafel. Daar worden onder meer de verwachtingen geschetst en de valkuilen getraceerd en bespreekt men waar Scoopstore kan ondersteunen.

We willen naar de belangrijke steden, zoals Parijs en Barcelona

Daarnaast kijkt Scoopstore of het product connectie heeft met het beoogde shoppingpubliek. Zo is een locatie waar veel jonge gezinnen komen voor het ene label interessanter dan voor het andere. Vanaf dan heeft het product een plek in de verkooppunten. De beoordeling van shoppers, influencers, bloggers en de ervaring van het personeel vormen de feedback voor het label. Hiervoor wordt bijvoorbeeld gekeken naar verpakking en prijs-kwaliteitverhouding.

Regelmatig vinden er gesprekken tussen merk en Scoopstore plaats, waarin de verzamelde feedback wordt teruggekoppeld. Scoopstore biedt labels dus niet alleen een verkoopplek, maar geeft hun ook de kans om geleidelijk te groeien, stelt Wouters. “Sales zijn natuurlijk belangrijk, maar voor jonge en opkomende merken is er veel meer dan dat. We schuiven het label niet meteen aan de kant als verkoop achterblijft, maar gaan kijken waar het stroef loopt. En dan zoeken we naar de juiste aanpassingen waardoor het wellicht wel aanslaat. Nursen noemen we dat. Oftewel: het bieden van zorg nadat het product in de winkel ligt.”

Maar ook voor Scoopstore geldt dat een merk op langere termijn uiteindelijk wel de nodige verkoop moet genereren. Labels tekenen voor een periode van zes of twaalf maanden. In die tijd wordt gekeken naar hun ontwikkeling. “Van tevoren kunnen we een inschatting maken van de sympathie voor een merk. Maar je weet het natuurlijk nooit. Als blijkt dat het toch niet aanslaat en er geen beweging in zit na het bieden van alle mogelijke ondersteuning, dan stopt de samenwerking na de getekende periode.” Labels die wel aanslaan kunnen hun contract verlengen of beëindigen, afhankelijk van het feit of Scoopstore een meerwaarde kan toevoegen of dat het merk het vanaf dat moment zelf af kan.

OP JACHT NAAR AANBOD
De labels betalen een commissie van twintig procent over een verkocht product. Dit betekent dat het grootste deel naar het label gaat en dit percentage ligt volgens Wouters lager dan in de ‘standaard retail’. Daarnaast betalen merken een maandelijkse fee. Het bedrag hiervan verschilt per productcategorie. “Met de vaste fee dekken we ook het risico voor onszelf in. We hebben een vaste kostenstructuur die gedragen moet worden als je op langere termijn iets wilt waarmaken.”

Scoopstore verkoopt inmiddels zo’n 150 verschillende merken die unieke producten aanbieden. Zo bestaat het assortiment onder meer uit handgemaakte alpacaknuffels, zeep met havervlokken als bestanddeel, ambachtelijke limonade en winegums die écht naar wijn smaken. “Onderscheidende producten vormen de rode draad van ons assortiment. Verder richten we ons niet op een specifieke stijl, productcategorie of bepaald prijsniveau, maar is het een brede mix.”

In het begin moest Scoopstore vooral zelf zoeken naar geschikte labels, maar nu het concept bijna vijf jaar bestaat, komen de aanvragen meer vanzelf. Toch ‘hunt’, zoals Wouters het noemt, de retailer regelmatig zelf naar nieuwe merken. Naar herenmodelabels bijvoorbeeld, aangezien dit aanbod veel kleiner is dan bijvoorbeeld sieraden en damesfashion.

GROEIDRANG
Alle merken worden standaard offline verkocht. Daarnaast kunnen labels kiezen voor een plek in de webshop. “De webshop staat nog in de kinderschoenen, maar dient steeds meer als aanvullend verkoopkanaal. Partijen kunnen hier meer producten aanbieden en het is een extra etalage. Hoewel fysiek producten verkopen onze corebusiness blijft kun je omnichannel in deze tijd niet naast je neerleggen.”

Na de aftrap in Eindhoven is het de bedoeling dat er straks meer winkels in ons land te vinden zijn. Ook in andere landen wordt gezocht naar geschikte locaties en filiaalmanagers. In Duitsland vinden bijvoorbeeld al gesprekken plaats. “Het is niet ons doel om straks in elk land uit te groeien naar tien filialen, maar wel de belangrijke steden aan te doen zoals Barcelona en Parijs. Als we in meer landen vertegenwoordigd zijn, hebben labels de kans verschillende markten te voelen en te kijken of hun merk daar aanslaat. Dat maakt het voor hen interessant.”

Labels bepalen zelf in welke vestigingen zij willen verkopen. Dat kan in alle filialen zijn, maar ook in maar één, twee of drie. Nu onlangs geldschieters instapten, komt de verwezenlijking van de groeiambities dichterbij. Over de hoogte van de kapitaalinjectie doet ze geen mededelingen. “Als je me vijf jaar geleden gevraagd of ik had verwacht dat ik rond deze tijd met partners en investeerders om de tafel zou zitten, dan had ik nee gezegd. Met hen aan boord is er zoveel meer mogelijk. Flexibiliteit zit in ons dna dus we kijken altijd naar nieuwe mogelijkheden en kansen, zonder onze kern en corebusiness uit het oog te verliezen.”